Op bezoek bij UGAL, de 9de partner van de RUN-EU alliantie
De luchthaven van Boekarest is wat je verwacht van een Europese luchthaven: herkenbaar, georganiseerd, nette toiletten, gates, een foodcorner en gescheiden stromen voor aankomende en vertrekkende reizigers. Alles loopt zoals het hoort. Buiten staan taxi’s netjes klaar te wachten. Gewoon Europa, geen chaos, geen verrassingen, geen gedoe.
Maar eens je de luchthaven verlaat, begint een andere reis.
De universiteit stuurt een minibus met chauffeur en we vertrekken richting Galati. Vier uur rijden. Eerst over een nieuw stuk autostrade, daarna — vanaf Buzău — enkel nog secundaire wegen. We doorkruisen de Donauvlakte, een uitgestrekt landschap tussen de Zwarte Zee in het Oosten en de Karpaten in het Westen. Die tekenen zich meer dan honderd kilometer ver af tegen de avondzon. Hier is ruimte zat. Roemenië is het achtste grootste land van de Europese Unie, maar tegelijk een van de dunst bevolkte: ongeveer 79 inwoners per km². Ter vergelijking: Italië telt er 200, Vlaanderen meer dan 500.
Onderweg passeren we kleine dorpen, een verlaten staalfabriek, zwerfhonden, betonnen omheiningen en huizen die dringend onderhoud nodig hebben. Af en toe duikt een tankstation van Rompetrol op—de nationale oliemaatschappij. Ja, Roemenië heeft zijn eigen olievelden. Die waren tijdens WOII van cruciaal belang voor de Duitse oorlogsmachine. Pas tijdens de rit begint het echt door te dringen: we rijden naar de uiterste oostrand van de Europese Unie.
De mixed grill plate die we 4 uur later bestellen in het restaurant naast het hotel is verzorgd, veel en lekker.
Een geopolitieke grens
Galati ligt op amper 15 kilometer van het drielandenpunt Roemenië–Moldavië–Oekraïne. Als je de grens met Ukraine oversteek rij je in drie uur naar Odessa. Langs de Donau en de Zwarte Zee doet een vrachtschip er vier uur over. De oorlog in Oekraïne voelt hier niet ver weg. De Oekraïense slagvelden liggen dichter bij de Roemeense grens dan bij de Poolse.
Je hebt hier niet het gevoel dit een uithoek van Europa is. Dit is net een plek waar Europa begint.
Via het Rijn-Donaukanaal en de haven van Galati kunnen Europese goederen Oekraïne bereiken zonder de Bosporus en dus Turkije te moeten passeren. Strategisch is dat niet onbelangrijk. Als de oorlog ooit eindigt, lijkt het bijna vanzelfsprekend dat Galati een cruciale rol zal spelen in de wederopbouw. Een logistiek knooppunt, een bruggenhoofd aan de oostgrens van Europa. Je voelt hier hoe de blik van Europa langzaam naar het oosten verschuift.
Een ambitieuze stad
De volgende ochtend zitten we in het stadhuis. De Director van de regio Galati geeft een presentatie. De man straalt autoriteit uit. Het is duidelijk dat hij deel uit maakt van het bestuursapparaat. Op een wenk verschijnt een IT’er om een promotiefilm te starten en zijn stereotype secretaresse wijkt geen moment van zijn zijde. Dit is een soort bestuurlijk gezag dat wij niet meer kennen. De boodschap is helder: “We are ready for the reconstruction of Ukraine. Galati is one big greenfield.” De stad heeft vele troeven: ruimte, de Donau, een zeehaven en een groeiend wegennet. De man wil graag samenwerken met RUN-EU “If you bring us a good project we will fund it.” Van waar die funding dan komt blijft vaag. Wat er gebeurt met wie een slecht project indient ook 😉
Een universiteit met karakter
We krijgen een uitgebreide rondleiding op de universiteit. UGAL is qua omvang vergelijkbaar met Howest. Het rectoraat zit in een prachtig historisch gebouw. De decanen presenteren trots de onderzoeksresultaten van hun departementen. De campusgebouwen zijn ruim, wat gedateerd maar zeer goed onderhouden. Sommige gebouwen hebben de modernistische architectuur van tijdens de communistische hoogdagen. In de ruime hallen hangen overal kunstwerken. “We get these paintings from our local museum but we believe they only give us the ugly leftovers.” Ik vind ze net mooi en bijzonder!
De onderzoeksfaciliteiten zijn kraaknet. Oude apparatuur staat er niet weggestopt, maar trots gepresenteerd naast nieuwe installaties in ruime labo’s met grote glaspartijen. Onderzoekers vertellen gepassioneerd over hun onderzoek. Ik vind dit een van de aangenaamste campussen van RUN-EU.
Langs de Donau ligt de Rexdan, het onderzoeksschip van UGAL. De kapitein leidt ons rond. Er zijn labo’s, klaslokalen en kajuiten. Er kunnen 10 onderzoekers verblijven. Het schip is altijd klaar om uit te varen en blijft soms maandenlang onderweg voor Europese onderzoeksprojecten rond waterkwaliteit.






Europa als langetermijnproject
Tijdens gesprekken valt iets op: De COO van UGAL volgde een Erasmus semester bij UBU in Burgos. De vice-rector behaalde zijn doctoraat aan de KU Leuven. Wie in de jaren ’90 deelnam aan de eerste Erasmusuitwisselingen, zit vandaag op sleutelposities binnen Europese bedrijven en instellingen. Beleid van veertig jaar geleden vertaalt zich vandaag wellicht in Europees gerichte beslissingen. Dat is een fijn gevoel.
Aan boord van de Rexdan ligt een gastenboek. Ik blader erdoor en schrijf: “Proud to be a European.”